in Inspiratie

Als er iets onzeker is dan is dat wel de toekomstige loopbaan van onze studenten. Waar gaan ze werken? Is er nog wel werk? Gaan ze in loondienst of worden ze zelfstandige? Zowel de techniek als de samenleving veranderen in een razend tempo waardoor er weinig zekerheden zijn. Sommige opleidingen proberen een antwoord te geven met strakke loopbaanbegeleiding. Er is ook een ander, meer ontspannen perspectief.

Loopbaanbegeleiding is binnen het mbo verplicht. Studenten moeten zich bekwamen in de vijf loopbaancompetenties, ze moeten zich oriënteren op de arbeidsmarkt en ze moeten zich oriënteren op vervolgopleidingen. Vanwege de snelle ontwikkelingen van de techniek en de samenleving, en de daarmee snel veranderende arbeidsmarkt, is dat zeker niet overbodig.

Het staat opleidingen vrij om het onderwerp loopbaanbegeleiding naar eigen smaak in te richten, mits de verplichte thema’s aan bod komen. Met groepsgesprekken, instructies, coaching, zelfevaluaties, intervisie en uitwisseling wordt van studenten verwacht dat zij zich oriënteren op hun toekomstige loopbaan. Ondanks al die structuur gaat het vaak mis.

Of gaat het juist dóór die structuur mis?

Coaching van studenten werkt niet

Het begrip coaching is populair binnen het onderwijs. Helaas is dat niet terecht, je zou kunnen zeggen dat coaching binnen het onderwijs per definitie een onmogelijke werkvorm is.

Coaching is alleen succesvol als aan een aantal eisen wordt voldaan:

Hulpvraag
De coachee moet zelf een hulpvraag hebben. Deze hoeft nog niet perfect geformuleerd te zijn, maar de behoefte en noodzaak aan hulp moet expliciet zijn.
Bij studenten is dat (meestal) niet het geval. Daarom wordt vaak gewerkt met hulpvragen, waardoor het gesprek het karakter van een verhoor dreigt te krijgen.
Het gevolg is dat studenten “niet vooruit te branden zijn”.

Gelijkwaardigheid
Om open en eerlijk te kunnen praten moeten de coach en coachee gelijkwaardig zijn, met andere woorden: er mag geen hiërarchie of gezagsrelatie zijn.
Tussen docent en student bestaat echter wel degelijk een gezagsrelatie. Sterker nog: de student weet dat hij wordt beoordeeld en gedraagt zich hiernaar.

Tijd en ruimte
Voor een goede begeleiding is tijd en ruimte nodig. Binnen het onderwijs is dit niet beschikbaar. Gesprekken zijn daardoor meestal kort en vluchtig.

Moet elke student wel begeleid worden?

Coaching werkt binnen het onderwijs dus niet (goed). Moeten we dan op zoek naar een alternatief? Om daar een antwoord op te geven moeten we eerst antwoord geven op de fundamentele vraag: heeft elke student beslist behoefte aan begeleiding?

Het antwoord op deze vraag is: nee. Voor de meeste studenten is die intensieve begeleiding niet nodig. Zij vinden hun eigen weg wel, ze doppen hun eigen boontjes en als ze een vraag hebben melden ze zich wel. Deze groep ervaart al die begeleiding eerder als opdringen.

Een kleine groep studenten heeft voortdurend behoefte aan begeleiding. Hier dreigt zorgverslaving. Bij deze groep moet je als docent grenzen trekken en in ernstige gevallen doorverwijzen naar specialisten.

Een ontspannen perspectief

Voor de meeste studenten is een strak opgezet programma van loopbaanbegeleiding niet nodig. Voor hen is het eerder overkill.

Het is veel effectiever om als docent naast de student te gaan staan. Voer belangstellende gesprekken, waarbij begrip, vertrouwen en het opbouwen van een relatie centraal staan. Focus niet op een nog te ontdekken hulpvraag, maar geef de student de ruimte om zijn toekomstige loopbaan te ontdekken.

Nodig studenten uit om te ontdekken wat er in hun toekomstig beroep speelt. Maak daarbij gebruik van de inhoud van keuzedelen als Inspelen op Innovatie en Duurzaamheid in je beroep. Dat maakt het praktisch en concreet.

Door op een ontspannen manier ruimte te bieden en vinger aan de pols te houden oriënteren studenten zich op hun loopbaan. Als er wat is dan melden ze zich wel.

Recente berichten

Laat een reactie achter

4 × drie =

0