in Inspiratie, Ondernemerschap, Oriëntatie op ondernemerschap

De nieuwe economie. Veel mensen praten er over. Maar wat verstaan we daar nu onder? Hoe werkt het in de praktijk? En: wat betekent dat voor ons onderwijs, voor onze studenten? De nieuwe economie in 7 kenmerken, te ervaren in Berlijn.

Berlijn, Prenzlauerberg, zomer 2014. Hier wordt de nieuwe economie zichtbaar. Yuppen lunchen uitgebreid bij een van de vele lokale restaurants. Jonge moeders zijn lid van de lokale Bio-winkel en kopen daar hun boodschappen. Omdat ze lid zijn krijgen ze korting. De recepten lezen ze van hun mobiel. Jonge creatieve ondernemers verkopen hun designkleding en schoenen.

Ook  in deze nieuwe economie moet geld verdiend worden. Maar er zijn daadwerkelijk veranderingen, nieuwe trends, fundamentele verschuivingen en nieuwe mogelijkheden. Voor onze studenten is het belangrijk om deze veranderingen te kennen, zodat zij zich kunnen voorbereiden. En voor de docenten en de onderwijsmanagers is het daarom even belangrijk, want zij bereiden hun studenten voor op deze nieuwe economie.

De nieuwe economie is te ervaren in Berlijn. Onder leiding van een ondernemende burgemeester is intensief gebouwd aan Berlijn, letterlijk en figuurlijk. Er is veel ruimte om te experimenteren. Niet alleen in Prenzlauerberg maar in alle delen van Berlijn. De resultaten worden zichtbaar.

De zeven kenmerken van de nieuwe economie zijn:

1: Stadseconomie
De nieuwe economie is steeds meer een stadseconomie. Bedrijvigheid is steeds meer lokaal: in de grote stad. Het netwerk van de ondernemer en ZZP-er, zijn klanten en zijn leveranciers zijn steeds meer lokaal.

In de nieuwe economie is netwerken, en dan bedoel ik het werkwoord, voor studenten van cruciaal belang. Of ze nu een ondernemende medewerker of ondernemer worden.

2: Landelijk naast lokaal
De nieuwe economie leidt tot een schifting. Naast internationale ketens met massaproducten bestaat een zee van kleinere bedrijven die heel specifiek inspelen op de behoefte van hun lokale klantengroep.

De nieuwe economie leert onze ondernemende student dat hij zijn aanbod volledig moet richten op de klanten die bij hem, bij zijn belangstelling en bij zijn vaardigheden passen.

3: Reclame van push naar pull
Reclame is vaak gebaseerd op interruptie en opvallen. Dit is reclame gebaseerd op push: de aanbieder dringt zich op. Maar de consument bepaalt steeds meer zelf of hij interesse heeft in jouw aanbod. Push-reclame wordt steeds vaker irritant gevonden, het werkt niet meer.

De klant gaat in de nieuwe economie zelf op zoek naar aanbod, via Internet of via zijn netwerk. Het initiatief ligt bij hem. Het aangaan van relaties met je klanten is essentieel.

4: Samen
Veel bewoners vormen een actief netwerk. Het behouden van een gemeenschappelijke voorziening is daarbij de drijfveer. Het gaat verder dan alleen consumptie. Dat lijkt inderdaad veel op een participatiemaatschappij.

De onderlinge relatie staat centraal. Het mes snijdt daarbij aan twee kanten: de ondernemer is verzekerd van klandizie en de klant heeft kwaliteit en vaak lagere prijzen.

5: Markt
Veel vastgoed is in handen van kleinere eigenaren en slechts in minder mate van institutionele beleggers. De positie van de huurder of koper van vastgoed is daardoor sterker. Naar Nederlandse maatstaven zijn de prijzen daardoor bijzonder gematigd.

De lagere huren maken het voor startende ondernemers makkelijker een bedrijf te voeren. Als gevolg van de lage huren liggen de kosten aanzienlijk lager, en kan voldoende rendement behaald worden bij een lagere omzet. De drempel om zelfstandig ondernemer te worden èn te blijven ligt daardoor aanzienlijk lager.

6: Goede infrastructuur
Dit is eigenlijk een open deur. Goede bereikbaarheid, voldoende parkeerruimte en goed openbaar vervoer zijn noodzakelijke randvoorwaarden. In die regio’s waar dit goed geregeld is floreert ondernemerschap: zowel voor de ondernemer als voor zijn klanten.

Voor studenten en docenten is dit niet rechtstreeks te beïnvloeden. Bij de keuze van hun eventuele vestigingsplaats is dit wel een belangrijk gegeven.

7: Actieve overheid
Daar waar de [lokale] overheid actief samenwerkt met de ondernemers en hun klanten groeit het succes. Door te investeren in bereikbaarheid, door ondernemers te faciliteren en met een actief handhavingsbeleid draagt de overheid bij aan succesvol ondernemerschap.

Ook dit punt is voor studenten en docenten niet rechtstreeks te beïnvloeden. Maar het is wel essentieel voor duurzaam en succesvol ondernemerschap.

En Internet dan?
Wat is nog de rol van Internet in dit verhaal? Internet op zich is niet meer onderscheidend. Het is gewoon geworden, een basisvoorwaarde. En het gebruik van Internet, ook als klant, is vanzelfsprekend.

De nieuwe economie
is een symbiose van een beperkt aantal grote (inter)nationale ketens met bulkartikelen, met daarnaast een zee van kleine bedrijven die niche-producten leveren. De klant koopt zijn gewone producten bij de grote ketens, steeds meer via Internet. En hij geeft zijn leven kleur met lokale nicheproducten die precies bij hem passen.

Reageer!
Wat vindt u van deze analyse? Wat betekent dit voor onze studenten? Bent u het eens met de 7 onderwerpen? Mist u een aspect? Wat betekent dit voor uw opleiding?

Laat het me weten.

Recente berichten
4 Reacties
  • Peter
    Beantwoorden

    Mooi artikel, met belangstelling gelezen.

    Ik mis wel iets, het deel van de economie waarin zorg een plaats heeft; dit als je ziek bent, de oudere inwoner die fysiek niet meer gelijkwaardig kan functioneren zoals zijn jongere concurrent, de gehandicapte inwoner. Zijn hier ook structuren voor die beschikbaar zijn voor alle bewoners?

    Vriendelijke groet, Peter.

  • Terry
    Beantwoorden

    Mooie onderwerpen. Ik mis ook iets, het deel van de economie waar de investeringen plaats vinden. De nieuwe economie moet een coöperatieve economie worden met een @nder en nieuw soort complementair geld. Met spelregels die exclusief gelden voor de reële economie en die samenwerking bevorderen.

    Vul de onderwerpen aan met gebiedscoöperaties in combinatie met rentevrij netwerkkrediet zonder tussenkomst van banken voor MKB en effectieve middelen voor klantbinding met name in detailhandel en retail.

    Enerzijds behouden we dan het veel te duur en schaars bancair rentedragend geld voor de speculatieve internationale geldeconomie.
    Anderzijds krijgen we aanvullend daaraan goedkoop werkkapitaal, rentevrij regionaal geld, voor de reële economie. Waarbij de spelregels er voor zorgen dat bedrijvigheid en geld (langer) in de gemeenschap blijft.

    Voor het onderwijs betekent dit dat er een vrije marktwerking in de financiële sector en een diversiteit aan geldsoorten onderwezen wordt. Extra koopkracht en meer geld voor MKB zal er ook voor gaan zorgen dat er meer (studie)mogelijkheden ontstaan naar duurzaam investeren en ondernemen in échte duurzaamheid (o.a. in de zorg en allerlei andere zinvolle dienstverlening).

  • Hans Nusink
    Beantwoorden

    Leuk anno 2014 dit stuk/deze discussie tegen te komen. In de tweede helft van de vorige eeuw en nog steeds, was zo heette de organisatie Aktie Strohalm, heden ten dage STRO in de praktijk en in theorie bezig met een andere economie vorm te geven. Idd een lokale economie, zodat het geld niet wegvloeit naar plekken waar het het meeste rendement heeft, lokale ruilkringen, enz. Ik volg ze niet meer zo, maar ze hebben vast een site.

  • Henri Bouwmeester
    Beantwoorden

    Interessante visie waar ik helemaal in meega. Als je het hebt over reclame en internet,- mijn business,- ben ik er van overtuigd dat het voor ondernemers nog een hele kluif gaat worden om op tijd te schakelen naar ook een nieuwe manier van reclamemaken. http://bit.ly/1vWBGkx

Laat een reactie achter

18 − acht =

0